Ik word ook wel Lize Split genoemd

Geplaatst door:     Tags:  , , ,     Datum geplaatst:  September 21, 2016  |  Geen reacties


September 21, 2016


In 2013 won Lize Spit Write Now!. Drie jaar later debuteert ze bij de nieuwe uitgeverij Das Mag met Het smelt, een ruim 480 pagina’s tellend boek waarin ze terugkeert naar haar eigen woonplaats. Waar het boek in Vlaanderen direct aanslaat, lijkt het in Nederland minder stof doen opwaaien. Das Mag gaat over tot een bijzondere promotieactie en legt in juni honderden exemplaren van Spits boek in de treinen in de hoop dat dit geweldige boek ook in Nederland gelezen gaat worden. Genoeg redenen om Lize Spit eens goed aan de tand te voelen! Vanwaar zo’n dik debuut? Waarom bij deze uitgeverij? Waarom zo’n indrukwekkend onderwerp?

Spit debuteert met een boek van maar liefst 480 pagina’s bij een nieuwe, bijzondere uitgeverij, Das Mag. Dat de dikte van het boek is voor Spit niet echt een keuze geweest, wordt vrijwel direct duidelijk. ‘Het is het verhaal dat dicteert hoe dik het boek gaat worden,’ zegt ze wanneer haar de vraag over de enorme dikte van het boek wordt gesteld, ‘Het verhaal werd gaandeweg lijviger.’ De keuze voor Das Mag was wel heel bewust. ‘Ik heb daar lang over nagedacht,’ vertelt Spit. Ze koos voor Das Mag, omdat deze uitgeverij zelf ook nieuw was. De uitgeverij had voor haar gevoel evenveel te verliezen als zij zelf. Het boek zou als een van de eerste drie verschijnen en dus moest het goed zijn. ‘Das Mag zou een uitgeverij zijn die vernieuwend was en alles anders zouden doen,’ vertelt Spit, ‘en dat gaf mij juist wel zekerheid en dat voelde goed. Het was wel een spannende keuze, want het had ook niet kunnen lukken.’ Daarbij achtte Spit het feit dat het boek door sowieso 3.000 mensen gelezen zou worden (het aantal crowdfunders) ook van groot belang: ‘Als de uitgeverij startte, zou ik zeker 3.000 lezers hebben. Dat vond ik een mooi uitgangspunt.’ Ook de band tussen Spit en haar redacteur heeft haar keuze beïnvloed. ‘Zij las mee met mijn verhaal en ik had een goed gevoel bij haar.’

In Het smelt gebruikt Spit delen uit haar eigen leven voor het verhaal van Eva. Dit heeft ze heel bewust gedaan: ‘Het voelt logischer om eerst dingen te gebruiken die dichtbij je staan. Het is makkelijker om te schrijven over dingen die je kent, dan over dingen die je niet kent. Het voelt veiliger.’ Spit koos ervoor haar oude woonplaats te gebruiken voor haar heftige verhaal. De keuze voor het beschrijven van een heel heftig verhaal, is veel minder bewust. Spit: ‘Het is heftig omdat het verhaal gewoon zo is. Ik wilde het verhaal zo vertellen en ik heb niemand gespaard. Mezelf niet, de personages niet en de lezer dus ook niet.’ Daardoor wordt, aldus Spit, het verhaal af en toe pijnlijk om te lezen. ‘Ik wilde heel open zijn en eigenlijk wilde ik niet te veel schaam of schroom voelen tijdens het schrijven. Ik wilde niemand sparen. Ik wilde iets maken waarbij ik mensen kon raken en waarbij ik mensen mee kon nemen in mijn verhaal.’

De thematiek in Het smelt is heftig, zo niet schokkend. Al snel ontstaat dan ook de vraag wat Spit met haar boek heeft willen beogen. Vanwaar deze thema’s? ‘Er zijn thema’s die in mijn boeken altijd terug zullen komen: eenzaamheid, liefde en vriendschap. Er zal altijd iemand zijn die aan de rand van iets komt te staan,’ legt Spit uit. Dit verhaal, het verhaal waarbij de lezer ziet wat er gebeurt tussen jongeren die volwassen worden, bevat deze thema’s ook. Het specifieke thema uit Het smelt is echter geen thema dat Spit veelvuldig gebruikt. ‘Ik heb het gewoon gekozen en me er vervolgens op vastgepind.’ Spit had dan ook niet verwacht dat het einde van het boek zo als schokkend ervaren zou worden. ‘Ik wist: dit moest er gebeuren om te kunnen laten zien hoe vriendschappen teloorgaan, hoe gruwelijk mensen zich kunnen gedragen. Het moest van A: vriendschap naar B: mensen die elkaar verraden. Ik wilde geen mensen shockeren.’ Wel hoopte Spit dat mensen zich meer met Eva en vooral Tesje zouden identificeren dan met de jongens in het verhaal: ‘Ik wilde eigenlijk dat de lezer Eva ook in de steek zou laten. Iedereen laat haar in de steek en ik wilde dat de lezer dit ook zou doen.’

Spit heeft dan ook geen vastgelegd moraal in haar boek verwerkt. Ze hoopt dat iedere lezer zijn of haar eigen dingen uit het boek kan halen. ‘Wellicht is het een waarschuwing dat mensen onder druk van elkaar kunnen ontsporen,’ geeft ze aan, maar belangrijker vindt ze dat lezer zich misschien gesteund voelt. Ze biedt met haar verhaal geen oplossing, maar wil graag laten zien dat mensen gezien worden. Wel denkt ze dat jongeren zich op een of andere manier in het verhaal kunnen herkennen. ‘Bepaalde meisjes vinden bijvoorbeeld het moment dat Eva zich onzeker voelt over haar lichaam herkenbaar, terwijl sommige jongens de gesprekken over seks en het opscheppen misschien wel herkennen.’

Het smelt wordt vanuit een ik-perspectief beschreven. Het hele verhaal kijkt de lezer mee met Eva, waardoor de jongens minder uitgebreid neergezet worden. Als lezer krijg je niet echt de kans te begrijpen waarom de jongens zich zo gruwelijk gedragen. Spit vertelt dat ze heel bewust voor het ik-perspectief heeft gekozen. ‘Eva is het ingang van het verhaal. Ik wilde de lezer emotioneel betrokken maken met Eva.’ Tegelijkertijd beseft Spit dat ze met de keuze voor het ik-perspectief veel informatie verloren heeft laten gaan. Ze geeft aan dat Eva een onbetrouwbare verteller is, omdat ze deels herinneringen beschrijft. Tegelijkertijd biedt het ook extra kansen. Spit: ‘Je ziet nu van heel dichtbij wat een trauma met Eva doet. Ik zou dat nooit kunnen doen wanneer ik voor de alwetende verteller had gekozen. Die verteller had veel nadelen gehad.’ Met de keuze voor het ik-perspectief kiest Spit voor het verliezen van informatie over de jongens: ‘Via kleine dingetjes wil ik duidelijk maken hoe ze denken. Laurens is een meeloper en Pim staat er thuis alleen voor. Hij kan zijn verdriet niet kwijt en heeft sadistische trekken.’

Daarbij lijkt ook de keuze voor de tegenwoordige tijd heel belangrijk: ‘Wanneer je in de verleden tijd vertelt, wordt het verhaal heel vertellerig. Het wordt dan snel ‘de alwetende persoon die terugkijkt op zijn leven’ en dat wilde ik niet,’ vertelt Spit. ‘Ik wil graag dat de lezer bij de gebeurtenissen is. Het vergroot in dit geval de machteloosheid van de lezer. Hij staat erbij en heeft het gevoel dat hij iets aan de situatie moet veranderen, maar eigenlijk kan hij dat niet. Dat vergroot de impact.’ De stukken die Spit wel in de verledentijdsvorm beschrijft vormen, aldus Spit, de ‘nostalgische herinneringen’ van Eva. Deze stukken waren van belang omdat er veel tijd overbrugd moest worden en er veel informatie gegeven moest worden.

De constructie van Het smelt is opvallend. Spit beschrijft twee verhaallijnen: Eva’s heden en Eva’s leven in het jaar 2002. Tegelijkertijd beschrijft Spit, binnen Eva’s heden ook herinneringen aan het verleden. De keuze voor deze constructie heeft Spit goed overwogen: ‘Aan het einde van het boek beschrijf ik hoe herinneringen werken: eerst weet je alles tot in detail, maar langzaam vervaagt dat. Veel verder terug heb je slechts begrippen, bijvoorbeeld ‘de millenniumbug’. Ik wilde aantonen hoe dingen vager worden en hoe dingen uiteindelijk verhalen worden in je hoofd.’

Het draait in Het smelt duidelijk niet om de ontknoping: slechts 50 bladzijden reserveert Spit voor de uiteindelijk oplossing. De overige 430 pagina’s beslaan de aanloop er naartoe. ‘Het boek gaat niet om wat er echt gebeurd is of hoe Eva wraak neemt. Het verhaal gaat meer over hoe zoiets heeft kunnen gebeuren en waarom iemand wraak wil nemen.’ Het is Eva die in het heden getraumatiseerd is. Spit wilde met haar verhaal tonen hoe Eva’s gedachten werken en waarom ze zich zo gedraagt. ‘De 430 pagina’s zijn dus niet alleen maar een aanloop, maar beschrijven ook haar ervaringen en proberen haar gedrag te verklaren.’ Wel krijgt Spit af en toe commentaar op de ‘lange’ aanloop. ‘Het is een plotgericht boek. Mensen willen vanaf de eerste bladzijde rennen naar de oplossing. Ik hoop alleen dat er ook mensen zijn die tijdens het rennen om zich heen durven te kijken.’

Nu Het smelt eindelijk in de winkel ligt, ziet Spit de gevolgen van het boek. Het verhaal wordt door iedereen besproken en iedereen krijgt er een mening over. Hoewel Spit veel meer positieve dan negatieve reacties krijgt, gaan de negatieve reacties haar niet altijd in de koude kleren zitten: ‘Ik ben niet een soort schrijver dat zomaar achter zijn werk kan gaan staan en kan zeggen take it or leave it’. Reacties doen heel veel met mij. Ik heb soms wel gehuild om een reactie, of ik was echt gekwetst.’ Tegelijkertijd vraagt ze zich af of al die meningen en al die reacties een boek niet stiekem kapot kunnen maken. ‘Ik schrijft een verhaal dat voor mij belangrijk is en ik vind het weleens lastig dat iedereen daar dan een mening over heeft. Ik kan prima met kritiek omgaan, maar vaak hangt het van de formulering af hoe ik het opvat. Of van de hoek waar vanuit het komt.’ Toch vindt ze de reacties ook vaak heel leuk. Het is mooi dat zoveel mensen haar boek hebben gelezen en dat er veel over geschreven wordt. ‘Ik heet ook wel Lize Split omdat mijn boek de gemoederen splijt.’ Met de uitgave van Het smelt kan Spit haar eigen verhaal meer loslaten. Stiekem groeit er in haar hoofd een nieuwe roman. ‘En die personages hebben ook ruimte nodig.’

Dat Het smelt de gemoederen bezighoudt mag duidelijk zijn. Wellicht creëert Spit met haar nieuwe roman straks eenzelfde golfbeweging. Het blijft afwachten!



Bijdrage van:


Op deze plek zullen we regelmatig recensies plaatsen van bezoekers of van recensenten van bevriende websites en tijdschriften. Dat gebeurt soms op uitnodiging, maar heel graag willen we ook plaatsmaken voor spontaan ingeleverde boekbesprekingen. Dus: heb je een goed boek gelezen? Deel je mening (en dus je passie!) met de andere lezers van De Leesfabriek!




Comments Closed