Interview door Irene en Valerie

Kan je jezelf en je boek even kort voorstellen?
Mijn naam is Anne Eekhout en ik heb inmiddels drie romans geschreven. Mijn debuut was Dogma (2014), Op een nacht (2016) was mijn tweede en Nicolas en de verdwijning van de wereld kwam als derde (2019). Het zijn drie heel verschillende boeken, maar toch met een overkoepelend thema: hoop ondanks alles. Ik kan mij voorstellen dat dit thema veel mensen aanspreekt.

Verder schrijf ik columns voor verschillende media, begeleid ik andere schrijvers en geef ik lessen.

Jouw boek werd gekozen uit ongeveer 35 titels. Wat betekent deze nominatie voor jou als auteur?
Dat betekent heel veel. Je hoopt dat, als je boek uitkomt, het door veel mensen gelezen gaat worden en dat ze het mooi vinden. Zo’n nominatie kan daar wel bij helpen. Het is prettig dat er een jury is die expertise heeft op dit gebied en weet wat jongeren aan kan spreken. Daarnaast is het leuk dat hier een prijs voor is. Dit is volgens mij de enige prijs voor jongerenboeken en het is toch net een doelgroep die vaak net buiten de boot valt. De laatste jaren is dat besef meer gaan leven en zijn er meer initiatieven ontstaan.
Ik vind het een enorme eer om daar deel van uit te maken.

Nicolas en de verdwijning van de wereld is geen officieel YA-boek. Vind je het belangrijk dat mensen ook buiten die categorie lezen?
Dat verschilt heel erg per boek en daar zijn verschillende argumenten voor.
Een groot deel zit ook in marketing: wat is de inhoud van het boek, wie kan het aan en wie spreekt het aan?
Toen Nicolas en de verdwijning van de wereld uitkwam, is het door verschillende boekhandels op de jongerenafdeling neergelegd. Veel boekhandelaren hadden het boek bij uitkomst nog niet gelezen en hadden toen nog niet het idee dat het niet specifiek voor jongeren was.
Het is goed dat er YA is voor jongeren, dat het geschreven wordt en dat er meer aandacht voor is. Ik denk niet dat het heel erg exclusief is, ook volwassenen vinden het fijn om te lezen. Jongeren lezen ook boeken die niet speciaal voor hen zijn geschreven, maar gewoon boeken die ze mooi vinden. Lezen doe je op een bepaald niveau en is afhankelijk van interesses.

Heb je de andere genomineerden gelezen?
Nog niet. Ik ben wel heel nieuwsgierig naar De executie van Daniëlle Bakhuis. Ik hou wel van dystopische verhalen. Naar de rest ben ik trouwens ook nieuwsgierig. Het is altijd leuk om te lezen wie je mede-genomineerden zijn.
Het zal nog lastig worden voor de jury i.v.m. de verschillende genre om een definitieve keuze te maken (lacht).

Er staan 6 debutanten op de lijst en meer YA dan vorig jaar. Vind je dit een goed signaal naar de uitgevers en jonge schrijvers?
Dat is zeker goed. Ik weet nog dat ik debutant was, nog niet zo heel lang geleden. Je hebt als debutant, nog wel meer dan als gevestigde auteur, bevestiging nodig en stimulans/motivatie om je volgende boek te schrijven. Het werkt super goed om genomineerd te worden voor een prijs. Zeker voor je debuut: je hebt iets afgeleverd wat bij mensen binnenkomt.
Ik denk dat het juist goed is voor een jongerenboekenprijs dat er debutanten bij zitten. Het laat zien dat er jongeren zijn die van lezen houden, maar ook van schrijven. Ik denk dat de combinatie lezen-schrijven een fijne combinatie is. Het één zet het ander aan.
Ik kan me voorstellen dat je jongeren kunt laten zien dat iemand nog maar net begonnen is, maar dat je ook met je eerste boek iets kunt bereiken. Dat het een inspiratiebron kan zijn.

Heb je nog tips voor jonge mensen die een boek willen schrijven?
Ikzelf hou er erg van om van te voren een raamwerk te maken. Ik bedenk niet alles al vooraf, dat verschilt ook per auteur. Zeker mijn personages zijn nog niet uitgekristalliseerd. De belangrijkste punten van mijn verhaal in mijn hoofd probeer ik in kernscènes op papier te zetten. Op die manier vul ik mijn verhaal in, meestal van voor naar achter. Vooraf weet ik wel naar welk einde ik wil schrijven. Dat helpt mij, maar het is prettig om tussendoor vrijheid te hebben om te schrijven met mijn raamwerk als zekerheid. 

Een hoofdstukindeling kan ook helpen bij het schrijven zodat je weet wat er per hoofdstuk ongeveer gaat gebeuren.
Bij beginnende schrijvers merk ik soms dat ze te snel door het verhaal gaan. Je moet niet bij hoofdstuk drie al bij het einde zijn, want wat moet ik daar tussenin dan schrijven? Onnodig het einde oprekken is voor de lezer ook niet fijn. Het is belangrijk om de spanningsboog op te bouwen en van tevoren duidelijk te hebben waar je naartoe werkt.

Werk je aan een nieuw boek?
Ja, ik zit al een poosje in de beginfase. Het begint langzamerhand wat meer vorm te krijgen. Ik denk dat het ook voor jongeren interessant kan worden. Het wordt een gefictionaliseerde roman en zal gaan over de jonge tienerjaren van Mary Shelley. Er zijn een aantal aanknopingspunten uit haar jonge leven toen ze tussen de 14 en 16 jaar was. Een aantal dingen vind ik zo interessant dat ik ze wilde verwerken tot een spannende roman.

Wat betekent het voor jou als je deze prijs wint?
Het is uiteraard een enorme motivatie, naast een enorme eer.
Ik ben vaker genomineerd voor een literaire prijs, maar heb er nog nooit een gewonnen. Het is denk ik uniek en bijzonder om te winnen en stiekem hoop ik dat natuurlijk ook. Ik vind het leuk, omdat ik meer wil doen met de doelgroep jongeren.
Mijn eerste boek was daar ook op gericht, mijn tweede niet en mijn derde weer wel een beetje. Het is leuk om te schrijven over jongeren en voor jongeren. Ik schrijf niet specifiek YA denk ik, maar ik heb wel iets die doelgroep. Het zou wel heel mooi zijn als die doelgroep ook iets met mij heeft.

No Comments

Post a Comment